HOME

 

2005-02-05, Harry Rijpkema: Speech Demonstratie 5 februari 2005

De laatste weken is er veel te doen geweest om de huurliberaliseringsplannen van Minister Dekker. We moeten echter niet vergeten dat de afbraak van de betaalbare huisvesting allang aan de gang is. Al sinds 1990 wordt dat stelselmatig afgebroken. Het begon met de bruteringsoperatie. De corporaties moesten geprivatiseerd worden en zelf hun broek ophouden. Jarenlang mochten ze huurverhoging vragen die ruimschoots boven de inflatie lag. Dat was kennelijk niet genoeg. De verouderingsaftrek van 30 punten werd afgeschaft en voor monumenten mag 30 % meer gevraagd worden zonder dat aangetoond hoeft te worden dat er werkelijk meer kosten aan besteed wordt.

Met corporaties was aanvankelijk afgesproken dat de huren gemiddeld ongeveer 75 % van het maximaal redelijk zijn. Nieuwe huurders betalen echter al vaak het maximaal redelijke. Dat heet zo mooi huurharmonisatie. Het huishoudbudget ziet er echter al lang niet zo harmonisch meer uit. De huurquote, het deel van het inkomen dat aan huur betaald moet worden, stijgt enorm. Voor huurders onder de ziekenfondsgrens stijgt het met ongewijzigd beleid in 2009 al tot gemiddeld 27 %, maar bij liberalisering zelfs tot gemiddeld 34 %. Daar komen sommige huurders dan nog ver boven. Eigenaar-bewoners betalen echter 20 %.

Een huis kopen, zoals de overheid het graag ziet, is voor de meeste huurders geen alternatief. De koopprijzen zijn ook de pan uitgestegen. Het merkwaardige van het overheidsbeleid is dat mensen met heel veel geld en een duur huis enorm veel geld van de belasting terug krijgen. Die hypotheekaftrek kost de belastingbetaler al 10 miljard euro per jaar terwijl de huursubsidie anderhalf miljard euro kost. Op de huursubsidie wil de minister echter bezuinigen en zo krijgen de mensen met weinig inkomen weer een extra dreun nadat het netto inkomen verlaagd is en allerlei lasten, zoals ziekenfonds en gemeentebelastingen verhoogd zijn. Dit is niet alleen asociaal beleid, maar ook een volstrekt gebrek aan beschaving.

Er is nog veel meer aan de hand. Zo hebben de plannen- en beleidsmakers bedacht dat de sociale woningen maar zoveel mogelijk afgebroken moeten worden om plaats te maken voor dure huur- en koopwoningen. Hele wijken met goede woningen moeten tegen de vlakte. Waar al die mensen naar toe moeten is op den duur volstrekt niet meer duidelijk, want betaalbare herhuisvesting wordt steeds moeilijker en tenslotte onmogelijk. Mensen worden ook steeds kwader en roepen dat deze deportatie afgelopen moet zijn. Ze wonen toch goed in die betaalbare huizen?

Maar de beleidsmakers roepen voortdurend dat die huizen bouwkundig slecht zijn, niet meer van deze tijd, de woningvoorraad zou eenzijdig zijn en er moet meer gedifferentieerd worden in de buurt. De buurt zou te veel mensen met lage inkomens en allochtonen bevatten. Over die dure witte villawijken waar diezelfde beleidsmakers wonen hoor je niets. Zij willen uiteraard geen differentiatie in hún buurt. De sociale huurwoningen die niet gesloopt worden, moeten van de overheid voor de hoge marktprijzen worden verkocht. Zo blijft er wel erg weinig betaalbaars over. De beleidsmakers roepen echter voortdurend dat er teveel goedkopen woningen zijn. Er zouden er veel meer zijn dan voor de doelgroep nodig zijn. Dat is een hoop gegoochel met cijfers. De harde werkelijkheid is dat er in Amsterdam een wachtlijst voor sociale huurwoningen van 11 jaar is en dat er gemiddeld meer dan honderd reacties op een vrijkomende woning zijn. Starters komen de stad al haast niet meer in.

Al die argumenten die de beleidsmakers hanteren zijn buitengewoon manipulatief en leugenachtig. Het gaat gewoon om de winst. De huurders hebben nauwelijks invloed op het beleid. De wettelijke regels voor inspraak worden aan de laars gelapt. Politici en beleidsambtenaren hebben weinig oog voor het belang van de huurders en willen eigenlijk nauwelijks met ze praten. Elke keer wanneer er plannen worden gemaakt voor sloop/nieuwbouw dan worden huurders voor voldongen feiten geplaatst. In achterkamertjes wordt alles bedisseld met de projectontwikkelaars, de aannemers en de vastgoedjongens. Om de winst flink op te schroeven maken aannemers in het geheim prijsafspraken en houden ze er een dubbele boekhouding op na. Politici en ambtenaren laten zich niet zelden feteren. In de vastgoedwereld is een verstrengeling van de onder- en bovenwereld niet zeldzaam. De hypotheekbanken en de makelaars verdienen er ook flink aan en werken er dus aan mee. De commercieel geworden corporaties potten miljarden op en de salarissen van de corporatiemanagers stijgen tot grote hoogte.

In 1901 werd de woningwet aangenomen, een product van liberale ministers, die toen inzagen dat je de volkshuisvesting niet aan de markt kan overlaten, want de woningmarkt is per definitie een imperfecte markt. Ik ben niet tegen het liberalisme, maar wel tegen de uitwassen van het liberalisme. De woekeraars en zakkenvullers die mensen uitbuiten en oplichten en veel mensen in de problemen brengen. Daarom moeten een vuist maken en de afbraak van de sociale huisvesting een halt toeroepen. Als uw machtige hand het wil staat het ganse corrupte raderwerk stil.

HOME