Stop de Afbraak van de Sociale Huisvesting
Toespraak Prof. André Thomsen (TU Delft)
Ik sta hier als wetenschapper die onderzoek heeft gedaan naar sloop door woningcorporaties. De organisatie van deze demonstratie heeft mij gevraagd om daar iets over te vertellen.
Toen ik ruim 5 jaar geleden als eerste waarschuwde voor een aanstaande nieuwe woningnood werd mijn waarschuwing genegeerd. Inmiddels is de nieuwe woningnood overal voelbaar, zit de woningmarkt op slot en is het voor starters vrijwel onmogelijk om aan een woning te komen.
Toch willen de woning corporaties in Nederland de sloop van woningen gaan verdrievoudigen, in de Randstad zelfs 5 x meer. Voor de komende jaren staat de sloop van bijna 100 duizend woningen in de 56 zogenaamde aandachtsgebieden op het programma. In totaal willen de woningcorporaties een kleine 200.000 woningen gaan slopen. Dat is een kwart tot een derde van de totale nieuwbouwproductie.
De corporaties en de overheid zeggen dat die woningen slecht zijn. Maar in Nederland staan helemaal geen slechte sociale huurwoningen meer. Volgens de Kwalitatieve Woning Registratie is de kwaliteit van de sociale huursector beter dan van de koopsector en veel beter dan van de particuliere huursector.
Toch heeft een sociale huurwoning een 12 x grotere kans om gesloopt te worden dan een particuliere huur- of een koopwoning. Waarom? Niet omdat die woningen dus slecht zijn! Vaak zijn het wijken
- waar voornamelijk mensen met een laag inkomen wonen
- waar veel mensen met een andere cultuur en huidskleur wonen
- waar vaak sprake is van kleine criminaliteit en van lastige hangjongeren
- wijken die een slechte naam hebben gekregen
Sloop helpt natuurlijk helemaal niet tegen dat soort problemen. Maar het is wel een simpele, goedkope en effectieve manier van spreidingsbeleid! Vaak zijn het ook wijken
- die op een aantrekkelijke locatie liggen, zoals Nieuw Crooswijk in Rotterdam
- waar, zeg maar, te goedkope woningen op te dure grond staan
Niet alle woningcorporaties zijn sloopcorporaties. Uit ons onderzoek blijkt dat er net zoveel corporaties zijn die veel slopen - de slopers - als corporaties die helemaal niet slopen. Uit ons onderzoek blijkt ook dat er geen echte oorzakelijke verschillen zijn tussen die corporaties. Kennelijk ligt het alleen aan de macht, wie er de baas is.
Dames en heren, ik ben geen tegenstander van sloop, soms is het de enige oplossing. En als de bewoners het er mee eens zijn dan moet het maar. Maar dat is meestal helemaal niet aan de orde.Meestal speelt alleen het belang van de verhuurder, van de ontwikkelaar, van het grondbedrijf van de overheid en wordt het belang van de bewoners genegeerd. Van vastgoedontwikkelaars weten we dat. Voor hen speelt alleen de winst op korte termijn.Maar waar blijft het sociale gezicht van de woningcorporaties? En waar blijft het recht en de zeggenschap van de huurders?
Hetzelfde speelt in het huurbeleid. Het vrijgeven van huren terwijl de schaarste toeneemt, terwijl de meeste woningcorporaties goedgevulde kassen hebben en de extra huurontvangst helemaal niet nodig hebben valt ook niet te rijmen met het sociale gezicht van de woningcorporaties. Maar daarvoor ben ik hier niet gevraagd.
Afbraak van goede en betaalbare woningen is niet nodig en in tijden van grote woningtekorten niet te verdedigen. Afbraak van ons sociale huisvestingsbeleid is ook op dit moment helemaal niet nodig en in tijden van toenemende woningnood en dalende inkomens helemaal niet te verdedigen.
Dat vindt de Huurdersvereniging Amsterdam en de Nederlandse Woonbond ook. Er is dus een breed draagvlak voor een ander beleid.
Toespraak A.J.M. Swager, een bewoonster van de Valentijnkade te Amsterdam
SOCIALE WONINGBOUW MOET WIJKEN VOOR KOOP
Resultaat: geen geld voor een koopflat, jammer dan! Waar kom je dan terecht: in het getto van de minder bedeelden.
Ook mij en mijn dochter is dit overkomen, zo'n 9 jaar geleden. Wij woonden destijds op de Valentijnkade, stadsdeel Zeeburg, gehuurd door woningbouwvereniging 'Ons Huis', (een wrangere benaming van een woningbouwvereniging kan zelfs de beste schrijver niet bedenken). Dat was ons thuis, dat was onze veilige haven.
Overigens is hierover een pakkende documentaire gemaakt door Steef Meyknecht onder de titel: 'Dichtgespijkerd'.
Valentijnkade: een prachtige plek, gelegen aan de ringvaart met vrij uitzicht, een brede stoep, en gelegen naast het idyllische Flevopark. Kortom een plek waar je je kind een prettige jeugd kunt geven, met veel vrijheid en speelgelegenheid, waar iedereen elkaar kende, met als gevolg dat er dus veel sociale controle was. Als je de huur betaalt en je je aan alle andere door de woningbouw opgestelde regels houdt, dan ga je er toch vanuit dat je thuis tot aan je dood je thuis blijft?
Maar dan gebeurt het: de zekerheden en veiligheden die je als vanzelfsprekend beschouwde, die worden je opeens in een klap ontnomen!
De normen en waarden waarmee ik bijvoorbeeld mijn kind heb opgevoed, begonnen te wankelen. Het thuis dat ik haar altijd geboden had bleek een leugen, want:
Leg jij maar eens uit aan je 9 jarige dochter dat je na de sloop van je huis er niet meer terug kan komen omdat er koopflats voor in de plaats komen.
Leg jij je kind maar eens uit dat alleen mensen met genoeg geld daar kunnen wonen.
Leg jij je kind maar eens uit dat de beleidsmakers van mening zijn dat het niveau van de buurt.
Er op vooruit zal gaan zodra er meer koopflats komen waarin mensen met geld wonen, omdat deze categorie het imago van de buurt zouden opvijzelen.
Hoe traumatisch zo'n gedwongen verhuizing is weten alleen de mensen die het zelf hebben meegemaakt. Wat men vergeet is dat je niet alleen je thuis verliest maar zoveel meer. Je sociale contacten ben je kwijt, want iedereen gaat naar een andere plek. Je kunt ook niet meer een mandje naar je benedenbuurvrouw laten zakken `s ochtends omdat je een boterham tekort komt voor je dochter, en ook het praatje bij de sigarenwinkel op de hoek ben je kwijt, waar je altijd je sigaretten kocht. Kortom: je bent een deel van je leven kwijt.
Karakteristieke buren, zoals oom Willen (96 jaar oud) en al 40 jaar bewoner van hetzelfde huis aan dezelfde kade, die elke dag naar buiten kwam om zijn duiven te voeren en dan al mopperend en pruimtabak spugend riep: "Een rotzooi is het, het is een wereld van niks, sodemieter op met die rotzooi", om dan weer relativerend te zeggen: "Maar ja, de een krijgt een beroerte, de ander een hartaanval, en misschien ben ik zelfs morgen wel dood, zelfs de grootste kapitalist kan morgen wel dood zijn"! Gelukkig voor hem is hij werkelijk diezelfde nacht voor de geplande verhuizing in zijn slaap overleden. Maar wij overlevenden zullen verder moeten . Elke dag leef ik nog met die pijn. Ik kan eigenlijk maar 1 ding zeggen, IK BEN NIET DAKLOOS MAAR WEL THUISLOOS.
A.M.J. Swager