Page 1
Gemeenteblad
afd. 1
nr. 116
Actualiteit van de raadsleden de heer Olij, de heer Van Poelgeest, de heer
J.L. Bakker en de heer Haffmans inzake het huurliberaliseringsbeleid van
minister Dekker.
Amsterdam, 15 maart 2005.
Aan de Gemeenteraad
De Tweede Kamer der Staten-Generaal heeft op 8 maart 2005 in meerderheid ingestemd met de
beleidsvoornemens van minister Dekker van de fractie van de VVD om 25% van de huurwoningvoorraad op
termijn te liberaliseren. Zoals bekend, betekent dit voor Amsterdam dat zo’n 70.000 woningen die thans nog
onder de gereguleerde huurregels vallen, volledig moeten worden vrijgegeven. De maximale huur van de te
liberaliseren woningen zal 5,4% gaan bedragen van de Woz-waarde [waarde van de woningen op grond van
de Wet waardering onroerende zaken (Wet Woz)] (taxatie van 1999)
1
. In de praktijk zal dit betekenen dat een
doorsneewoning die leegkomt en nu een huur heeft van circa 300 euro per maand, in huur wordt verdubbeld
naar circa 600 euro per maand. Huurders die blijven zitten, worden de komende jaren geconfronteerd met
extra huurverhogingen van 2 tot 4% bovenop de inflatie.
Wat betekent dit voor de Amsterdamse woningmarkt?
De verstopping op de woningmarkt zal verder toenemen.
Wie woningruil pleegt of gewoon verhuist naar een andere woning, loopt grote kans dat de nieuwe woning een
Woz-waarde heeft van meer dan 130.000 euro (taxatie 1999). Dit is dan een geliberaliseerde woning. De
nieuwe huurder zal geconfronteerd worden met een fors hogere huur. Veel huurders zullen daarom afzien van
verhuizen.
Geliberaliseerde woningen mogen worden gesplitst en verkocht.
Dat geldt zowel voor woningen van particuliere verhuurders als voor woningen van corporaties. Op dit moment
is in Amsterdam specifiek beleid van kracht op het gebied van splitsing door particulieren en verkoop van
sociale huurwoningen. Op termijn zullen ongeveer 25.000 sociale huurwoningen worden verkocht en
tienduizenden particuliere huurwoningen worden gesplitst. Het beleid is erop gericht, verspreid over de stad
het aanbod van koopwoningen en duurdere huurwoningen te vergroten.
Door het beleid van minister Dekker raakt Amsterdam op termijn circa 70.000 betaalbare huurwoningen kwijt.
Waar en wanneer dat zal zijn, is nu nog niet te overzien. In Amsterdam hebben 213.400 huishoudens een
inkomen tot de ziekenfondsgrens (1950 euro netto per maand). Op dit moment zijn voor deze doelgroep nog
circa 277.000 woningen beschikbaar. Na uitvoering van het beleid van minister Dekker zijn dat er nog maar
207.000. Door het beleid van minister Dekker zal in Amsterdam de woningnood voor mensen met een laag-
en middeninkomen dus nog groter worden.
Voorstel.
Gezien de hiervoren beschreven dreigende gevolgen van het beleid van minister Dekker ligt het voor de hand
tijdelijk een pas op de plaats te maken met het verkoop- en splitsingsbeleid zoals dat op dit moment wordt
uitgevoerd in de stad. Het lijkt niet erg logisch en verstandig om nog langer door te gaan met het toestaan van
de verkoop van duizenden sociale huurwoningen en het splitsen van particuliere huurwoningen als tegelijker-
tijd rijksbeleid wordt voorbereid dat verkoop en splitsing van nog veel grotere aantallen woningen mogelijk
maakt.
1
De woningen met een Woz-waarde (taxatie 1999) tussen de 130.000 en 165.000 euro krijgen een huur van maximaal
5,4% van de waarde. Woningen met een waarde boven de 165.000 euro zijn helemaal vrij.
1

Page 2
Op grond van het vorenstaande stellen ondergetekenden u voor, het volgende besluit te nemen:
De Gemeenteraad van Amsterdam,
Gezien de actualiteit van de raadsleden de heer Olij, de heer Van Poelgeest, de heer J.L. Bakker en de heer
Haffmans van 15 maart 2005,
Besluit:
I zo spoedig als mogelijk is te stoppen met het versoepelde splitsingsbeleid van particuliere huurwoningen,
omdat zeer veel particuliere huurwoningen na invoering van het beleid van minister Dekker alsnog kunnen
worden gesplitst;
II de wethouder voor Volkshuisvesting te verzoeken direct het overleg met de corporaties te starten over de
gevolgen van het beleid van minister Dekker voor de verkoop van sociale huurwoningen. Voorkomen
moet worden dat door het beleid van minister Dekker naast de afgesproken verkoop van 25.000 sociale
huurwoningen nog meer sociale huurwoningen zullen worden verkocht. Afgesproken zou kunnen worden
dat in afwachting van nieuw beleid geen sociale huurwoningen meer worden verkocht met een Woz-
waarde van minder dan 210.000 euro (taxatie 2003)
2
. Daarmee wordt voorkomen dat woningen die onder
het beleid van minister Dekker niet vrij kunnen worden verkocht, nu nog wel worden verkocht;
III het College van Burgemeester en Wethouders te verzoeken, aan de Commissie voor Stedelijke
Ontwikkeling voor haar vergadering op 20 april 2005 en de Gemeenteraad voor zijn vergadering op
11 mei 2005 een notitie voor te leggen waarin in ieder geval worden aangegeven:
• de exacte gevolgen van het huurliberaliseringsbeleid van minister Dekker voor de Amsterdamse
woningmarkt;
• de beleidswijzigingen die nodig en mogelijk zijn om de gevolgen van het rijksbeleid zo goed mogelijk
op te vangen;
• de wijze waarop het nieuwe Amsterdamse beleid het snelste en het beste in overleg met de betrokken
partijen in de volkshuisvesting tot stand kan worden gebracht;
de resultaten van het overleg met de corporaties over een beleidswijziging met betrekking tot de
verkoop van sociale huurwoningen.
De leden van de Gemeenteraad,
B.C.J. Olij
M. van Poelgeest
J.L. Bakker
J. Haffmans
Verschenen 16 maart 2005.
2
De nieuwe taxatie 2003 laat zien dat 75% van de huurwoningen in Amsterdam een WOZ-waarde heeft die lager is dan
209.500 euro. 20% heeft een waarde tussen 209.500 en 322.500 euro en 5% heeft een waarde van 322.500 euro of
hoger.
2